Kluwenhouder bestaande uit gebogen gordelhaak, haakplaat, scharnierend sierstuk en beugel. Haakplaat, sierstuk en beugel opengewerkt met asymmetrische bloemtakjes, schuimranden en C-voluten. Uiteinden beugel met een om zijn as draaiende, uitneembare benen garenklos tussen schijven van van parelmoer. Uiteinden spoel met zilveren siermoeren in de vorm van een blad, waarvan de rechter ontbreekt.
Herkomst
Verzameling A. Willet, Amsterdam; legaat van mevrouw S.L.G. Willet-Holthuysen, Amsterdam, 1895
Trefwoorden
12042
Catalogus zilver AHM 2003
Kluwenhouders waren vanaf het midden van de achttiende eeuw een onmisbaar attribuut bij het handwerken. Om de garenklos of spoel werd een kluwen dunne breikatoen gewonden die vrij kon draaien. Het geheel werd met een haak aan de gordel om het middel van de handwerkster gehangen (Ter Molen 1978-1979, p. 411-412 afb. 4, 5). Omstreeks 1800 raakte de kluwenhouder in onbruik en kwam het breitobbetje of kluwenmandje in zwang (cat.nr. KA 15116).
In het Rijksmuseum te Amsterdam bevindt zich een verwante kluwenhouder van Dirk Froger uit 1775 (De Lorm 2001~2, p. 168 nr. 101). Waarschijnlijk zijn de onderdelen van beide houders in dezelfde gietmallen vervaardigd. Zie over kluwenhouders: Wttewaall 1994~2, p. 145-147.