gehalteteken voetstuk: koningskroon 934/000 gehalte
jaarletter voetstuk: D: jaarletter D
: jaarletter D= 17 december 1810-1 maart 1812
inv.nr. KA 5511 t/m KA 5516
Zes kandelaars, elk met driekantige voet, taps toelopende stam en vaasvormige kaarsenhouder. Voet met geprofileerde rand, ingezwenkte zijden en afgeschuinde hoeken. Bovenzijde voet opgelegd met rozet. Op voet een houder in de vorm van een antieke drievoet op leeuwenklauwen, door middel van drie rozetten bevestigd aan stam. Stam met cannelures, de onderzijde met bolvormige knop. Bovenzijde stam met zeshoekige nodus, waarboven gecanneleerde kaarsenhouder en losse ronde vetvanger. Filetranden langs onderzijde kaarsenhouder en rand vetvanger. Twee losse tweearmige opzetstukken, beide met korte, holle buis waarboven schijf met filetranden en bolvormig middenstuk, de onderste helft gedreven met godrons. Aan weerszijden middenstuk twee gladde S-vormige armen met geciseleerde acanthusbladeren, overgaand in vaasvormige kaarsenhouder met cannelures. Filetranden langs onderzijde kaarsenhouder en rand vetvanger.
Origin
Geschenk aan en verworven door het echtpaar Holthuysen-Lepeltak, Amsterdam, 1811 en 1823; legaat van mevrouw S.L.G. Willet-Holthuysen, Amsterdam, 1895
Keywords
, ,
222011
Catalogue silver collection AHM 2003
De kandelaars en de kandelabers passen in stijl en uitvoering bij twee kastanjevazen, in 1809/1810 vervaardigd door Diederik Lodewijk Bennewitz (cat.nrs. KA 5553-54). Samen vormen deze objecten een tiendelig tafelgarnituur 'à l'antique'. Het ensemble was een huwelijkscadeau van de wederzijdse families aan het bruidspaar Holthuysen-Lepeltak, de ouders van mevrouw Willet-Holthuysen, die op 8 mei 1811 trouwden. De bestelling bleef in de administratie van de firma Bonebakker bewaard. Op 8 november 1811, een half jaar na het huwelijk, wordt de aankoop vermeld door de heer Holthuisen van '6 driekante kandelaars met rozetten & biezen, plankjes in de voeten NGK 14:1:2' voor 700 gulden, alsmede een ronde blikken opbergtrommel die tien gulden kostte (geciteerd in: Vreeken 2000, p. 298).
De opzetstukken heeft het echtpaar er vermoedelijk later zelf bij gekocht. Kandelaars en andere voorwerpen met het motief van een antieke drievoet werden in de eerste decennia van de negentiende eeuw veelvuldig door Bennewitz en andere zilversmeden toegepast. In de verzameling tekeningen van de Fa. As. Bonebakker & Zoon bevond zich een afbeelding van dit type kandelaar, die - op de rand van de vetvanger na - identiek is met de kandelaars in het Amsterdams Historisch Museum (Vreeken 2000, p. 299 afb. 2). Zie ook: Inleiding Vreeken, p. X afb. X.